Begrippenlijst
In deze bijlage worden begrippen en afkortingen toegelicht die in het globaal ontwerp van Gemeenschappelijke Bronontsluiting worden gebruikt. De uitleg beschrijft wat het begrip binnen de context van GBO betekent. Het betreft daarmee niet altijd een volledige juridische of technische definitie.
| Begrip | Uitleg |
|---|---|
| Afnemer | Organisatie of persoon die gegevens opvraagt bij een bronhouder. Dit kan bijvoorbeeld een overheidsorganisatie, een private dienstverlener, een burger met een EUDI-Wallet, een QTSP of een voorziening binnen een Europese gegevensuitwisseling zijn. |
| API | Application Programming Interface. Een gestandaardiseerd koppelvlak waarmee systemen geautomatiseerd gegevens of functionaliteit kunnen opvragen. |
| ARF | Architecture and Reference Framework. Het Europese architectuur- en referentiekader met afspraken, protocollen en formaten voor de EUDI-Wallet. |
| AS4 | Berichtenstandaard die binnen e-Delivery en OOTS wordt gebruikt voor veilige grensoverschrijdende uitwisseling van berichten. De Basisinrichting OOTS handelt het AS4-verkeer voor Nederlandse bronhouders af. |
| ASI | Authentic Source Interface. Gestandaardiseerd koppelvlak waarmee een QTSP gegevens bij een authentieke bron kan verifiëren of ophalen voor de uitgifte van een QEAA. |
| ASI-provider | Technische rol of voorziening die een Authentic Source Interface aanbiedt. In het globaal ontwerp wordt deze soms afgekort als ASI-P. |
| Attestatie | Digitaal bewijs waarin één of meer attributen over een persoon of organisatie zijn opgenomen. Een attestatie kan in een EUDI-Wallet worden opgeslagen en aan een dienstverlener worden getoond. |
| Attestatieschema | Formele beschrijving van de attributen, structuur, betekenis en technische representatie van een attestatie. |
| Attribuut | Afzonderlijk gegeven over een persoon, organisatie of object, zoals een geboortedatum, bevoegdheid, diploma of vestigingsadres. |
| Audit trail | Samenhangende en chronologische registratie waarmee achteraf kan worden vastgesteld wie welke gegevens heeft opgevraagd, op welke grondslag dit gebeurde en welke controles zijn uitgevoerd. |
| Authenticatie | Het vaststellen dat een persoon, organisatie of systeem daadwerkelijk de identiteit heeft die het beweert te hebben. |
| AuthZEN | Gestandaardiseerd koppelvlak van de OpenID Foundation voor de communicatie tussen een PEP en een PDP. AuthZEN maakt het mogelijk om de technische onderdelen van de autorisatieketen onafhankelijk van elkaar te implementeren. GBO gebruikt hiervoor het Nederlandse overheidsprofiel: NLgov Profile for OpenID AuthZEN Authorization API 1.0.0. |
| Autorisatie | Het bepalen of een geïdentificeerde en geauthenticeerde partij een bepaalde handeling mag uitvoeren of bepaalde gegevens mag opvragen. |
| Basisinrichting OOTS | Nederlandse voorziening voor aansluiting op het Europese Once-Only Technical System. De voorziening handelt onder meer Europese berichten, herauthenticatie, inzage door de burger en verzending van bewijsgegevens af. |
| Beleidsregel | Machineleesbare regel die bepaalt onder welke voorwaarden een gegevensverzoek is toegestaan. Een beleidsregel kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de afnemer, de grondslag, het doel, de gegevensset en de betrokken persoon. Ook aangeduid als policy. |
| Beleidsgedreven autorisatie | Vorm van autorisatie waarbij toegangsbeslissingen worden genomen op basis van centraal of decentraal beheerde beleidsregels. Zie ook PBAC. |
| Begrippenkader | Gestructureerde verzameling begrippen met definities en onderlinge relaties. Het begrippenkader vormt de gemeenschappelijke basis voor de betekenis van gegevens binnen GBO. |
| Bronhouder | Organisatie die verantwoordelijk is voor een gegevensbron en voor het beschikbaar stellen van gegevens uit die bron. De bronhouder blijft verantwoordelijk voor de gegevens, ook wanneer GBO-voorzieningen worden gebruikt voor de ontsluiting. |
| Bronontsluiting-API | Generieke interface waarmee een bronhouder gegevens beschikbaar stelt voor verschillende GBO-interactiepatronen. Deze wordt functioneel ook aangeduid als de generieke bronontsluiting. |
| BSN | Burgerservicenummer. Identificerend nummer voor personen die in de Nederlandse Basisregistratie Personen zijn opgenomen. Het BSN mag alleen worden verwerkt door partijen die daarvoor een wettelijke grondslag hebben. |
| BSNk PP | BSN-koppelregister polymorfe pseudoniemen. Voorziening waarmee identiteiten en pseudoniemen zodanig kunnen worden verwerkt dat een afnemer alleen een voor die afnemer bestemde identiteit of een partijspecifiek pseudoniem ontvangt. |
| Canoniek gegevensmodel | Gestandaardiseerde beschrijving van de gegevens die een bronhouder beschikbaar stelt. Het model vormt een stabiel tussenformaat waarop mappings naar toepassingsspecifieke formaten kunnen worden gebaseerd. |
| Consent-id | Unieke identificatie van een geregistreerde toestemming. Een private dienstverlener kan deze identificatie meegeven bij een gegevensverzoek, zodat de bronhouder de toestemming kan laten controleren. |
| Credential | Digitaal bewijs met uitspraken over een persoon, organisatie of object. Binnen het EUDI-Wallet-patroon gaat het doorgaans om een verifieerbare credential. Zie ook VC. |
| Data Service Directory | Europese OOTS-catalogus waarin kan worden opgezocht welke gegevensdiensten en bewijsleveranciers een bepaald type bewijs kunnen leveren. Afgekort als DSD. |
| Dataminimalisatie | Principe dat niet meer gegevens worden opgevraagd of verstrekt dan noodzakelijk is voor het doel van een dienst. GBO ondersteunt dit onder meer door selectieve gegevensuitvraag. |
| DCAT-AP-NL | Nederlands toepassingsprofiel van de Europese Data Catalog Vocabulary. Binnen GBO wordt DCAT-AP-NL (ten tijde van dit schrijven versie 3.0) gebruikt voor de gestandaardiseerde beschrijving en vindbaarheid van datasets en gegevensdiensten. |
| Dienstencatalogus | Centrale catalogus van vooraf toegestane gegevensvragen per dienst of toepassing. De catalogus beschrijft welke afnemer voor welk doel welke gegevens mag opvragen. |
| Doelbinding | Eis dat gegevens uitsluitend worden verwerkt voor een vooraf bepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel. |
| DQV | Data Quality Vocabulary. W3C-vocabulaire voor het beschrijven van de kwaliteit van datasets en kwaliteitsmetingen. |
| DSD | Data Service Directory. Europese OOTS-catalogus waarin kan worden opgezocht welke gegevensdiensten en bewijsleveranciers een bepaald type bewijs kunnen leveren. |
| DvTP | Naam voor het GBO-interactiepatroon waarin een burger overheidsgegevens laat verstrekken aan een private dienstverlener. Hiervoor zijn onder meer toestemming, doelbinding en pseudonimisering nodig. |
| EAA | Electronic Attestation of Attributes. Elektronische attestatie waarin attributen over een persoon of organisatie zijn opgenomen. Een EAA kan bijvoorbeeld als PubEAA of QEAA worden uitgegeven. |
| eBMS | ebXML Messaging Services. Berichtenstandaard waarop AS4 is gebaseerd en die wordt gebruikt voor de betrouwbare uitwisseling van elektronische berichten. |
| e-Delivery | Europese bouwsteen voor veilige en betrouwbare elektronische gegevensuitwisseling. OOTS gebruikt een AS4-profiel van e-Delivery voor het berichtenverkeer tussen lidstaten. |
| eID | Elektronisch identificatiemiddel waarmee een persoon digitaal zijn identiteit kan aantonen. |
| eIDAS | Europees juridisch kader voor elektronische identificatie en vertrouwensdiensten. De herziene verordening vormt onder meer de basis voor de EUDI-Wallet en elektronische attestaties van attributen. |
| eIDAS2 | Informele aanduiding voor de herziene Europese eIDAS-verordening, die onder meer de juridische basis vormt voor de EUDI-Wallet. |
| EER | Europese Economische Ruimte. Samenwerkingsgebied van de lidstaten van de Europese Unie en enkele andere Europese landen. |
| EMREX-brug | Sectorale voorziening voor grensoverschrijdende uitwisseling van onderwijsgegevens. Dit is een voorbeeld van een sectorspecifieke aansluiting op OOTS. |
| Endpoint | Technisch adres waarop een API of andere digitale dienst kan worden aangeroepen. |
| EUDI-Wallet | Europese digitale identiteitswallet waarin een burger identificatiegegevens en digitale attestaties kan ontvangen, bewaren en aan dienstverleners kan presenteren. |
| Evidence Request | Gestandaardiseerd OOTS-bericht waarmee een organisatie een bewijsstuk bij een bronhouder in een andere lidstaat opvraagt. |
| Evidence Response | Gestandaardiseerd OOTS-antwoord waarmee het gevraagde bewijsstuk of informatie over de afhandeling van het verzoek wordt geleverd. |
| Evidence type | Binnen OOTS afgesproken categorie bewijsgegevens, zoals een bewijs van geboorte, inschrijving of behaald diploma. |
| FDS | Federatief Datastelsel. Afsprakenstelsel waarmee publieke organisaties op basis van gemeenschappelijke technische, semantische, juridische en organisatorische afspraken gegevens kunnen vinden, delen en gebruiken. |
| FSC | Federated Service Connectivity. Standaard voor veilige en controleerbare gegevensuitwisseling tussen organisaties. FSC ondersteunt onder meer organisatie-authenticatie, afspraken over gegevensgebruik en logging. |
| FSC Inway | FSC-component aan de zijde van een gegevensaanbieder die binnenkomende gegevensverzoeken ontvangt en controleert. |
| FSC Outway | FSC-component aan de zijde van een afnemer waarmee gegevensverzoeken naar een aanbieder worden verzonden. |
| FTV | Federatieve Toegangsverlening. Autorisatieraamwerk voor federatieve gegevensuitwisseling, waarbij autorisatiebeslissingen door samenwerkende maar zelfstandig beheerde componenten worden uitgevoerd. |
| GBO | Gemeenschappelijke Bronontsluiting. Het geheel van afspraken, standaarden, voorzieningen en ondersteunende componenten waarmee overheidsbronnen op een uniforme manier voor verschillende toepassingen kunnen worden ontsloten. |
| GBO-basis | Aanduiding in het globaal ontwerp voor de gemeenschappelijke voorzieningen voor bronontsluiting, autorisatie, beleidsregels en ondersteuning van bronhouders. |
| GBO-component | Voorziening die specifiek binnen GBO wordt ontwikkeld of ingericht om één of meer stelselfuncties te ondersteunen. |
| GBO-vertaallaag | Ondersteunende voorziening voor bronhouders die niet rechtstreeks de voorgeschreven bronontsluiting-API kunnen aanbieden. De vertaallaag zet een bestaand koppelvlak of gegevensformaat om naar het binnen GBO gebruikte koppelvlak of formaat. |
| GDI | Generieke Digitale Infrastructuur. Verzameling van overheidsbrede afspraken, standaarden en voorzieningen voor digitale dienstverlening en gegevensuitwisseling. |
| Generieke bronontsluiting | Functionele aanduiding voor het op een uniforme manier beschikbaar stellen van gegevens uit een bron voor meerdere toepassingen. Zie ook bronontsluiting-API. |
| Generieke functie | Iets wat meerdere organisaties op een vergelijkbare manier moeten kunnen uitvoeren. Binnen GBO beschrijft een generieke functie de benodigde functionaliteit, zonder direct een specifieke technische voorziening voor te schrijven. |
| Gegevensset | Afgebakende verzameling gegevens die voor een bepaalde dienst, toepassing of gegevensvraag beschikbaar kan worden gesteld. |
| GraphQL | Bevragingsprotocol waarmee een afnemer gericht kan aangeven welke gegevens nodig zijn. Binnen GBO wordt GraphQL voorgesteld om hergebruik en dataminimalisatie bij de bronontsluiting te ondersteunen. |
| Grondslag | Juridische reden waarom gegevens mogen worden verwerkt of verstrekt. Voorbeelden zijn een wettelijke taak, een wettelijke verplichting of, wanneer de wet dit toestaat, toestemming van de burger. |
| Identity Matching | Proces waarmee een vanuit een buitenlands of Europees identificatiemiddel verkregen identiteit wordt gekoppeld aan een in Nederland bekende persoon, bijvoorbeeld om het bijbehorende BSN te bepalen. |
| Informatiemodel | Formele beschrijving van informatieobjecten, kenmerken, relaties en regels binnen een bepaald domein. |
| Interactiepatroon | Op hoofdlijnen beschreven manier waarop actoren en voorzieningen samenwerken om gegevens uit te wisselen. GBO onderscheidt patronen voor de EUDI-Wallet, OOTS en private dienstverleners. |
| JSON | Tekstgebaseerd formaat voor het gestructureerd uitwisselen van gegevens tussen systemen. |
| LDV | Logboek Dataverwerking. Standaard waarmee registraties van gegevensverwerkingen bij verschillende organisaties aan elkaar kunnen worden gekoppeld en aan de burger kunnen worden verantwoord. |
| Mapping | Vastgelegde relatie tussen begrippen, gegevenselementen of structuren uit verschillende modellen. Een mapping maakt geautomatiseerde omzetting of vergelijking mogelijk. |
| mdoc | Op ISO 18013-5 gebaseerd formaat voor digitale documenten en attestaties. Binnen de EUDI-Wallet kan het onder meer worden gebruikt voor scenario's waarbij gegevens lokaal of op korte afstand worden gepresenteerd. |
| MIM | Metamodel Informatiemodellering. Nederlandse standaard met regels voor het opstellen en uitwisselen van informatiemodellen. |
| mTLS | Mutual Transport Layer Security. Beveiligde verbinding waarbij zowel de client als de server zich met een certificaat authenticeert. |
| NL API Strategie | Overheidsbrede strategie en verzameling richtlijnen voor het ontwerpen, ontwikkelen, beveiligen en beheren van API's. |
| NL-SBB | Nederlandse Standaard voor het Beschrijven van Begrippen. Standaard voor het eenduidig vastleggen van begrippen, definities, bronnen en onderlinge relaties. |
| NORA | Nederlandse Overheid Referentie Architectuur. Overheidsbreed referentiekader met architectuurafspraken, principes en begrippen voor publieke dienstverlening. |
| OAuth 2.0 | Standaard waarmee een systeem namens een gebruiker of organisatie beperkte toegang tot een dienst kan verkrijgen met behulp van toegangstokens. |
| OCI-bundle | Ondertekend en distribueerbaar pakket met machineleesbare beleidsregels of andere configuratie. Binnen GBO kunnen dergelijke pakketten door een PAP aan PDP's worden aangeboden. |
| ODRL | Open Digital Rights Language. W3C-model voor het machineleesbaar beschrijven van rechten, verplichtingen, beperkingen en beleidsregels rond het gebruik van gegevens. |
| OIN | Organisatie-identificatienummer waarmee Nederlandse overheidsorganisaties in digitaal verkeer kunnen worden geïdentificeerd. |
| subOIN | Identificatie van een onderdeel van een organisatie binnen de structuur van het Organisatie-identificatienummer. |
| Once Only-principe | Uitgangspunt dat burgers en ondernemingen gegevens die al bij een overheid beschikbaar zijn niet opnieuw hoeven aan te leveren wanneer deze gegevens rechtmatig bij de oorspronkelijke bron kunnen worden opgehaald. |
| OOTS | Once-Only Technical System. Europees technisch stelsel voor grensoverschrijdende uitwisseling van bewijsgegevens voor procedures die onder de Single Digital Gateway-verordening vallen. |
| OOTS-A | Onderdeel van de Basisinrichting OOTS voor Nederlandse organisaties die bewijsgegevens uit andere Europese landen opvragen. De letter A verwijst naar de afnemende zijde. |
| OOTS-adapter | GBO-component die de aansluiting tussen de generieke bronontsluiting en OOTS ondersteunt. De adapter verzorgt met name de semantische mapping naar het door OOTS verwachte bewijsformaat. |
| OOTS-EDM | OOTS Exchange Data Model. Generiek berichtenmodel voor de uitwisseling van Evidence Requests en Evidence Responses binnen OOTS. Zie ook SDG-EDM |
| OOTS-V | Onderdeel van de Basisinrichting OOTS voor Nederlandse bronhouders die bewijsgegevens aan organisaties in andere Europese landen verstrekken. De letter V verwijst naar de verstrekkende zijde. |
| OpenID Connect | Authenticatielaag boven op OAuth 2.0 waarmee een systeem informatie over de identiteit van een gebruiker kan ontvangen. Voor de Nederlandse overheid wordt NL GOV Assurance profile for OpenID Connect 1.0.1 gebruikt. |
| OpenID4VCI | OpenID for Verifiable Credential Issuance. Protocol voor het uitgeven en ophalen van verifieerbare credentials, bijvoorbeeld voor opname in een EUDI-Wallet. |
| OpenID4VP | OpenID for Verifiable Presentations. Protocol waarmee een wallet één of meer credentials of geselecteerde attributen aan een dienstverlener kan presenteren. |
| PAP | Policy Administration Point. Component waarin beleidsregels worden opgesteld, beheerd, goedgekeurd en beschikbaar gesteld aan de componenten die autorisatiebeslissingen nemen. |
| Partijspecifiek pseudoniem | Pseudoniem dat alleen binnen de context van één specifieke afnemer bruikbaar is. Dezelfde persoon krijgt bij verschillende afnemers verschillende pseudoniemen. |
| PBAC | Policy Based Access Control. Autorisatiemodel waarbij toegangsbeslissingen worden genomen op basis van beleidsregels en kenmerken van het verzoek, de afnemer, de gebruiker, het doel en de gegevens. |
| PDP | Policy Decision Point. Component die op basis van beleidsregels en beschikbare context bepaalt of een gegevensverzoek moet worden toegestaan. |
| PEP | Policy Enforcement Point. Component die een gegevensverzoek onderschept, een autorisatiebeslissing opvraagt en de uitkomst daarvan afdwingt. |
| PI | Polymorfe identiteit die binnen BSNk PP wordt gebruikt als tussenrepresentatie van een identiteit. Binnen GBO is deze identiteit het BSN. |
| PP | Polymorf pseudoniem dat binnen BSNk PP wordt gebruikt als tussenrepresentatie voor een pseudoniem. |
| PID | Person Identification Data. Set identificerende persoonsgegevens die binnen het EUDI-Walletstelsel wordt gebruikt om de identiteit van een persoon aan te tonen. |
| PIP | Policy Information Point. Bron waaruit een PDP aanvullende informatie opvraagt die nodig is voor een autorisatiebeslissing, bijvoorbeeld een toestemmingsregister, deelnemersregister of dienstencatalogus. |
| PKIoverheid-certificaat | Digitaal certificaat binnen de Nederlandse PKIoverheid waarmee organisaties en systemen zich kunnen authenticeren en berichten kunnen beveiligen of ondertekenen. |
| Policy | Machineleesbare beleidsregel die bepaalt onder welke voorwaarden een gegevensverzoek is toegestaan. |
| Policy-bundle | Samenhangend, versioneerbaar en doorgaans ondertekend pakket van beleidsregels dat vanuit een PAP naar één of meer PDP's wordt gedistribueerd. |
| PROV-O | W3C-ontologie voor het beschrijven van de herkomst van gegevens, waaronder de gegevensbronnen, bewerkingen en betrokken actoren. |
| Pseudonimisering | Verwerking waarbij direct identificerende gegevens worden vervangen door een pseudoniem. Aanvullende informatie is nodig om het pseudoniem weer aan de oorspronkelijke persoon te koppelen. |
| PubEAA | Public Electronic Attestation of Attributes. Elektronische attestatie van attributen die onder verantwoordelijkheid van een publieke organisatie wordt uitgegeven. |
| PubEAA-provider | Technische voorziening waarmee een bronhouder PubEAA's kan uitgeven aan een EUDI-Wallet. De bronhouder blijft verantwoordelijk voor de inhoud en uitgifte van de attestatie. |
| QEAA | Qualified Electronic Attestation of Attributes. Gekwalificeerde elektronische attestatie van attributen die door een QTSP wordt uitgegeven. |
| QTSP | Qualified Trust Service Provider. Gekwalificeerde vertrouwensdienstverlener die onder eIDAS vertrouwensdiensten aanbiedt en onder toezicht staat. Een QTSP kan QEAA's uitgeven. |
| RDF | Resource Description Framework. W3C-standaard waarmee gegevens en hun onderlinge relaties machineleesbaar kunnen worden beschreven. |
| RegRep | Afkorting voor Registry and Repository. Standaard voor het registreren, opslaan en opzoeken van metadata en objecten, die binnen onderdelen van OOTS wordt toegepast. |
| REST | Architectuurstijl voor API's waarbij gegevens en handelingen via gestandaardiseerde webverzoeken beschikbaar worden gesteld. |
| Retrievedienst | ASI-functie waarmee een QTSP namens de bronhouder attributen bij de authentieke bron ophaalt ten behoeve van de uitgifte van een QEAA. |
| Scope | Afbakening van de gegevens of handelingen waarop een toestemming, toegangstoken of gegevensverzoek betrekking heeft. |
| SDG | Single Digital Gateway. Europees kader voor digitale toegang tot overheidsinformatie en procedures. OOTS ondersteunt de grensoverschrijdende uitwisseling van bewijsgegevens voor bepaalde SDG-procedures. |
| SDG-EDM | Single Digital Gateway Evidence Data Model. Semantisch model of schema waarmee bewijsgegevens voor een bepaald evidence type op een geharmoniseerde manier worden beschreven. Zie ook OOTS-EDM |
| SD-JWT VC | Formaat voor verifieerbare credentials dat gebruikmaakt van ondertekende JSON Web Tokens en selectieve verstrekking ondersteunt. De burger kan daarmee alleen de voor een dienst benodigde attributen tonen. |
| Semantic Repository | Europese OOTS-catalogus waarin onder meer evidence types, semantische afspraken en bijbehorende schema's of modellen worden geregistreerd. |
| Semantiek | De betekenis van gegevens en de afspraken waarmee die betekenis eenduidig en machineleesbaar wordt vastgelegd. |
| Semantische mapping | Vastgelegde vertaling tussen begrippen en gegevenselementen uit verschillende informatiemodellen. Binnen GBO wordt dit onder meer gebruikt om brongegevens om te zetten naar OOTS-evidence types of EUDI-attestatieschema's. |
| SHACL | Shapes Constraint Language. W3C-standaard waarmee kan worden gecontroleerd of RDF-gegevens voldoen aan vastgelegde structuur- en kwaliteitsregels. |
| Signing-infrastructuur | Geheel van certificaten, sleutels, procedures en technische voorzieningen waarmee attestaties digitaal worden ondertekend en hun authenticiteit kan worden gecontroleerd. |
| SKOS | Simple Knowledge Organization System. W3C-standaard voor het machineleesbaar beschrijven en verbinden van begrippen, taxonomieën en andere kennisorganisatiesystemen. |
| Stelsel | Samenhangend geheel van deelnemers, afspraken, standaarden, voorzieningen, rollen en governance waarmee organisaties gezamenlijk een functie uitvoeren. |
| Stelselfunctie | Concrete invulling van één of meer generieke functies door middel van afspraken, standaarden en/of voorzieningen. Een stelselfunctie beschrijft wat binnen het stelsel moet zijn georganiseerd. |
| Toestemming | Vrije, specifieke, geïnformeerde en ondubbelzinnige wilsuiting van een burger waarmee verwerking van persoonsgegevens voor een bepaald doel wordt toegestaan. Binnen GBO wordt toestemming alleen als grondslag gebruikt wanneer wet- en regelgeving dit mogelijk maakt. |
| Toestemmingsportaal | Burgerinterface voor het geven, inzien en intrekken van toestemmingen. |
| Toestemmingsregister | Centrale registratie waarin verleende en ingetrokken toestemmingen machineleesbaar worden vastgelegd en gecontroleerd. |
| Toestemmingsvoorziening | Overkoepelende GBO-functie voor het verkrijgen, registreren, raadplegen en intrekken van toestemming. De voorziening omvat onder meer het toestemmingsportaal, het toestemmingsregister en de benodigde interfaces. |
| Trusted List | Officiële lijst van erkende of gekwalificeerde vertrouwensdienstverleners en hun diensten. Een Trusted List kan worden gebruikt om vast te stellen of een QTSP of ondertekeningscertificaat wordt vertrouwd. |
| TTL | Time To Live. Periode gedurende welke een registratie, token, toestemming of ander technisch object geldig blijft. |
| VC | Verifiable Credential. Digitaal bewijs waarvan de herkomst en integriteit cryptografisch kunnen worden gecontroleerd. |
| Vertrouwensstelsel | Geheel van afspraken, toelatingsvoorwaarden, certificaten, registers en toezicht waarmee deelnemers elkaars identiteit en bevoegdheden kunnen vertrouwen. |
| Verifydienst | ASI-functie waarmee een QTSP controleert of door de QTSP aangeleverde attributen overeenkomen met de gegevens bij de authentieke bron. |
| VI | Versleutelde identiteit die binnen BSNk PP voor een specifieke partij wordt gegenereerd uit een polymorfe identiteit. |
| VP | Versleuteld pseudoniem dat binnen BSNk PP voor een specifieke partij wordt gegenereerd uit een polymorf pseudoniem. |
| XML | Extensible Markup Language. Tekstgebaseerd formaat waarmee gestructureerde gegevens volgens een vooraf afgesproken schema kunnen worden vastgelegd en uitgewisseld. |