Change Log¶
Change Log v0.8.3¶
Van: versie 0.8.2 (september 2026) → Naar: versie 0.8.3 (oktober 2026)
Dit is geen uitputtende opsomming van iedere gewijzigde zin, maar een overzicht van wat er conceptueel en structureel is veranderd, per hoofdstuk/paragraaf.
Deze versie bevat geen inhoudelijke wijzigingen in de architectuur, generieke functies of stelselfuncties. De wijzigingen bestaan vooral uit het in lijn brengen van de terminologie met de actuele positionering van GBO als programma, aangevuld met enkele redactionele, vormgevings- en technische wijzigingen.
Samenvatting in één oogopslag¶
| Onderdeel | Aard van de wijziging | Details |
|---|---|---|
| Algemeen / terminologie | GBO consequent aangeduid als programma in plaats van project | detailbeschrijving |
| Generieke functies | Terminologie rond tijdelijke GBO-voorzieningen aangepast aan programmapositionering | detailbeschrijving |
| Realisatiestrategie | Projectgovernance en projectvoorzieningen vervangen door programmagovernance en programmavoorzieningen | detailbeschrijving |
| Open besluiten | Verantwoordelijkheid voor GBO-vertaallaag en referentiecomponenten bij het GBO-programma gelegd | detailbeschrijving |
| Vormgeving en technische documentatie | Vormgeving afgestemd op ICTU-huisstijl en documentatie-afhankelijkheden bijgewerkt | detailbeschrijving |
Algemeen / terminologie¶
- De PSA is aangepast aan de actuele positionering van Gemeenschappelijke Bronontsluiting als programma in plaats van project.
- Verwijzingen naar project GBO, projectfase en vergelijkbare termen zijn waar van toepassing vervangen door programma GBO, programmafase en GBO-programma.
- Dit is consequent doorgevoerd in onder andere:
- de inleiding en scope van de PSA;
- de beschrijving van de documenthiërarchie;
- het vertrekpunt uit het Globaal Ontwerp;
- het voorblad en de repositorybeschrijving;
- verwijzingen in eerdere Change Log-teksten.
- De schrijfwijze Project Start Architectuur is waar van toepassing aangepast naar projectstartarchitectuur.
- Deze wijzigingen brengen de PSA qua terminologie verder in lijn met de actuele GBO-documentatie en het Globaal Ontwerp.
- De wijzigingen veranderen de inhoudelijke afbakening, architectuurprincipes of verantwoordelijkheidsverdeling van GBO niet.
Generieke functies¶
- Binnen F8 — Beheer & Continuïteit is de terminologie aangepast aan de positionering van GBO als programma.
- Waar eerder sprake was van afhankelijkheden van tijdelijke projectvoorzieningen, wordt nu gesproken over tijdelijke programmavoorzieningen.
- De bestaande eis blijft ongewijzigd: voor dergelijke tijdelijke voorzieningen moet een plan voor overdracht of uitfasering bestaan.
- Er zijn geen functionele eisen aan F1 tot en met F8 toegevoegd, verwijderd of inhoudelijk gewijzigd.
Realisatiestrategie¶
De realisatiestrategie is inhoudelijk niet gewijzigd, maar de organisatorische terminologie is aangepast aan GBO als programma.
- Tijdelijke referentiecomponenten en voorzieningen worden tijdens pilots ontwikkeld door het programma in plaats van het project.
- In de tabel voor landing in bestaande stelsels en beheerorganisaties is Projectgovernance tijdens ontwikkeling vervangen door Programmagovernance tijdens ontwikkeling.
- In de fasering is verduidelijkt dat:
- het programma besluiten voorbereidt en neemt over scope, rollen, juridische randvoorwaarden en beheerprincipes;
- het programma de benodigde koppelvlakken, gegevensmodellen, beleidsregels, logging en conformiteitseisen uitwerkt;
- het programma tijdelijke programmavoorzieningen uiteindelijk overdraagt of uitfaseert.
- De uitgangspunten rond landing in bestaande stelsels, overdracht naar structurele beheerorganisaties en het tijdelijke karakter van programmavoorzieningen zijn verder ongewijzigd.
Open besluiten¶
- Bij B-16 — GBO-vertaallaag is de betrokken partij gewijzigd van GBO-project naar GBO-programma.
- Bij B-17 — Beheer referentiecomponenten is eveneens GBO-project vervangen door GBO-programma.
- Hiermee wordt duidelijk gemaakt dat het GBO-programma tijdens de ontwikkelfase verantwoordelijk is voor de tijdelijke vertaallaag en referentiecomponenten, totdat deze worden overgedragen of uitgefaseerd.
- De inhoud, voorkeursrichting en besluitpunten van B-16 en B-17 zijn niet gewijzigd.
- De beschrijving van de ADR-werkwijze is redactioneel verduidelijkt: waar nodig wordt na een architectuurbesluit ook het Globaal Ontwerp en de technische of semantische documentatie bijgewerkt.
- Er zijn geen nieuwe open besluiten toegevoegd en bestaande besluiten zijn niet inhoudelijk gewijzigd.
Vormgeving en technische documentatie¶
- De vormgeving van de documentatiesite is verder afgestemd op de ICTU-huisstijl:
- de primaire kleur van de site is aangepast naar ICTU-blauw;
- dezelfde kleur wordt toegepast op de footer.
- De versie-informatie van de documentatie is bijgewerkt van v0.8.2 / september 2026 naar v0.8.3 / oktober 2026.
- Enkele technische afhankelijkheden voor het genereren van de documentatiesite zijn bijgewerkt:
mkdocs-print-site-pluginvan versie 2.8 naar 2.9;pymdown-extensionsvan versie 11.0.2 naar 12.1.
- Deze wijzigingen hebben geen gevolgen voor de inhoudelijke architectuur van GBO.
Change Log v0.8.2¶
Van: versie 0.8.1 (september 2026) → Naar: versie 0.8.2 (september 2026)
Dit is geen uitputtende opsomming van iedere gewijzigde zin, maar een overzicht van wat er conceptueel en structureel is veranderd, per hoofdstuk/paragraaf.
Samenvatting in één oogopslag¶
| Onderdeel | Aard van de wijziging | Details |
|---|---|---|
| Vertrekpunt Globaal Ontwerp | Bronspecifieke GBO-configuratie toegevoegd als architectuurconsequentie | detailbeschrijving |
| Interactiepatronen | Vastgelegd dat centrale voorzieningen de configuratie van de bronhouder gebruiken | detailbeschrijving |
| Generieke functies | Eisen rond configuratie toegevoegd aan gegevensvoorziening, semantiek en beheer | detailbeschrijving |
| Stelselfuncties | Decentraal configuratiecomponent uitgewerkt, vooral binnen S07, S08, S10 en S11 | detailbeschrijving |
| Realisatiestrategie | Configuratiecomponent toegevoegd aan GBO-basis en impact bronhouder; landing in bestaande stelsels verduidelijkt | detailbeschrijving |
| Open besluiten | Voorkeursrichting voor gebruik van de OOTS-mappingvoorziening aangescherpt | detailbeschrijving |
Vertrekpunt uit het globaal ontwerp¶
- De architectuurconsequenties zijn aangepast aan de verdere uitwerking van het Globaal Ontwerp.
- Expliciet is gemaakt dat een bronhouder naast de gemeenschappelijke bronontsluiting een bronspecifieke GBO-configuratie beheert.
- In deze configuratie legt de bronhouder vast welke gegevens beschikbaar zijn en hoe deze binnen de verschillende gegevensstromen worden ontsloten.
- Nieuwe gegevensvragen worden zoveel mogelijk via deze configuratie toegevoegd, zodat daarvoor geen wijzigingen in het bronsysteem of nieuwe afnemerspecifieke bronkoppelvlakken nodig zijn.
- Aan het overzicht van architectuurconsequenties is toegevoegd dat bronhouders met deze configuratie bepalen welke gegevensdiensten beschikbaar zijn en hoe centrale GBO-voorzieningen deze verwerken.
Interactiepatronen¶
- Aan de gemeenschappelijke eisen voor alle interactiepatronen is toegevoegd dat een centrale GBO-voorziening voor bronspecifieke verwerking gebruikmaakt van de configuratie die onder verantwoordelijkheid van de bronhouder wordt beheerd.
- Hiermee is explicieter vastgelegd dat centrale voorzieningen bronspecifieke verwerking uitvoeren op basis van door de bronhouder beheerde configuratie en deze inrichting niet zelfstandig bepalen.
Generieke functies¶
De eisen aan de generieke functies zijn aangevuld om het decentrale configuratieconcept expliciet te ondersteunen.
-
F3 — Gegevensvoorziening
- nieuwe afnemers, gegevensdiensten en interactiepatronen worden zoveel mogelijk ondersteund door wijzigingen in de bronspecifieke configuratie en, waar nodig, beleid, dienstregistratie, schema's en mappings;
- hiervoor zijn in beginsel geen wijzigingen in het bronsysteem nodig.
-
F4 — Semantiek & Eenheid van Taal
- de bronhouder legt in een bronspecifieke GBO-configuratie vast welke gegevensdiensten voor de verschillende gegevensstromen beschikbaar zijn;
- in deze configuratie wordt vastgelegd welke schema's, mappings en andere verwerkingsinstructies van toepassing zijn;
- centrale GBO-voorzieningen kunnen de voor hen relevante configuratie machineleesbaar raadplegen;
- de bronhouder blijft inhoudelijk verantwoordelijk voor de configuratie. Centrale voorzieningen passen deze toe, maar bepalen niet zelfstandig de bronspecifieke inrichting.
-
F8 — Beheer & Continuïteit
- voor bronspecifieke configuratie moeten afspraken bestaan over publicatie, validatie, versiebeheer, geldigheid en actualiteit;
- achteraf moet herleidbaar zijn welke configuratie bij een gegevensverwerking is toegepast.
Stelselfuncties¶
De belangrijkste inhoudelijke wijziging in deze versie is de verdere uitwerking van het decentrale configuratiecomponent en de bronspecifieke GBO-configuratie.
-
S07 — Gegevensontsluiting
- nieuwe diensten worden in beginsel via de bronspecifieke GBO-configuratie toegevoegd;
- deze configuratie wordt gebruikt in samenhang met dienstregistratie, schema's, mappings en het toepasselijke beleid.
-
S08 — OOTS-adapter
- de toepassing van semantische mappings is gekoppeld aan de configuratie van de bronhouder;
- als voor een gegevensdienst een semantische mapping is geconfigureerd, gebruikt de centrale mappingfunctie deze configuratie om brongegevens naar het overeengekomen OOTS-EDM-formaat te vertalen;
- S08 verwijst hiervoor naar de mappings en configuratie die via S10 worden beheerd.
-
S10 — Semantiek & Gegevenscatalogus
- het doel van S10 is uitgebreid met het configureren van de wijze waarop gegevens van een bronhouder via de verschillende GBO-gegevensstromen worden aangeboden;
- de bronhouder beheert een bronspecifieke GBO-configuratie met de beschikbare gegevensdiensten en de bijbehorende schema's, mappings en verwerkingsinstructies;
- configuratie verwijst waar mogelijk naar beheerde objecten, zodat informatie niet onnodig wordt gedupliceerd;
- centrale GBO-voorzieningen moeten de voor hen relevante configuratie machineleesbaar kunnen raadplegen;
- configuratie moet valideerbaar, versieerbaar en herleidbaar zijn;
- de technische implementatie van het configuratiecomponent is vrij, zolang deze aan de afgesproken functionele eisen en koppelvlakken voldoet;
- een decentraal configuratiecomponent is toegevoegd aan de functionele voorzieningen van S10;
- standaardisatie, het koppelvlak en de minimale functionele eisen van het configuratiecomponent zijn toegevoegd aan de open besluiten binnen S10.
-
S11 — Attesteringsuitgifte
- als voor attestatie-uitgifte een semantische mapping nodig is, legt de bronhouder in de GBO-configuratie vast welke mapping en welk attestatieschema worden toegepast;
- de semantische mapping en de configuratie daarvoor worden via S10 beschikbaar gesteld.
Het configuratiecomponent is daarmee bewust geen nieuwe afzonderlijke stelselfunctie. Het is een functionele voorziening binnen S10 die ook door andere stelselfuncties wordt gebruikt.
Realisatiestrategie¶
-
Binnen het werkpakket GBO-basis zijn toegevoegd:
- een model en koppelvlak voor de bronspecifieke GBO-configuratie;
- afspraken over validatie, versiebeheer, publicatie en raadpleging van deze configuratie;
- een referentie-implementatie van een decentraal configuratiecomponent.
-
Binnen het werkpakket OOTS is verduidelijkt dat:
- het beheerproces voor OOTS-EDM-mappings ook de configuratie omvat waarmee de bronhouder bepaalt welke semantische mapping voor een gegevensdienst wordt toegepast;
- semantische mapping naar een evidence type wordt toegepast als deze door de bronhouder voor de betreffende gegevensdienst is geconfigureerd.
-
Bij de impact op bronhouders is toegevoegd dat:
- de bronhouder naast gegevensdiensten, schema's en kwaliteit ook de bronspecifieke configuratie beheert waarmee wordt bepaald hoe gegevens via de verschillende GBO-gegevensstromen worden aangeboden;
- de bronhouder hiervoor een decentraal configuratiecomponent beheert;
- de technische implementatie van dit component vrij is, zolang deze aan de vastgestelde functionele eisen en koppelvlakken voldoet.
-
De paragraaf Landing in bestaande stelsels en beheerorganisaties is verduidelijkt:
- GBO is een programma en geen structurele beheerorganisatie;
- GBO is ook geen zelfstandig stelsel met deelnemers en afspraken;
- componenten die binnen GBO worden ontwikkeld moeten voor productie worden ondergebracht bij stelsels en/of organisaties die het beheer en toezicht structureel kunnen uitvoeren;
- tijdens de ontwikkeling wordt onderzocht waar de verschillende componenten het beste kunnen landen, waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten op bestaande stelsels en beheerorganisaties.
Open besluiten¶
- B-12 — OOTS-functiegrenzen is aangescherpt.
- Aan het besluitpunt is toegevoegd of OOTS-verzoeken altijd via de OOTS-adapter/mappingvoorziening moeten lopen.
- De voorkeursrichting is verduidelijkt: de mappingvoorziening wordt voor een eenvoudige en uniforme inrichting altijd aangeroepen, ook wanneer geen semantische vertaling nodig is en gegevens één-op-één worden doorgegeven.
- De definitieve functiegrenzen tussen OOTS-V, de OOTS-adapter en de mappingvoorziening blijven onderwerp van besluitvorming.
Change Log v0.8.1¶
Van: versie 0.7.2 (juli 2026) → Naar: versie 0.8.1 (september 2026)
Dit is geen uitputtende opsomming van iedere gewijzigde zin, maar een overzicht van wat er conceptueel en structureel is veranderd, per hoofdstuk/paragraaf.
Samenvatting in één oogopslag¶
| Onderdeel | Aard van de wijziging | Details |
|---|---|---|
| Positionering PSA | PSA duidelijker gepositioneerd tussen Globaal Ontwerp en technische uitwerking | detailbeschrijving |
| Terminologie | Naamgeving gelijkgetrokken met het Globaal Ontwerp | detailbeschrijving |
| Vertrekpunt Globaal Ontwerp | Uitgebreide oplossingsbeschrijving vervangen door architectuurconsequenties en duidelijke documentafbakening | detailbeschrijving |
| Architectuurprincipes | Sterk compacter en normerender gemaakt; principes P-01 t/m P-16 behouden | detailbeschrijving |
| Ontwerpprincipes | Sterk vereenvoudigd en technologieneutraler gemaakt; concrete implementatiekeuzes teruggebracht | detailbeschrijving |
| Interactiepatronen | Procesbeschrijvingen en diagrammen verplaatst naar het Globaal Ontwerp; PSA legt vooral eisen en relaties met stelselfuncties vast | detailbeschrijving |
| Generieke functies | Volledig herschreven als normerende eisen voor F1 t/m F8, met expliciete koppeling naar stelselfuncties | detailbeschrijving |
| Stelselfuncties | Uitwerking S01 t/m S11 geharmoniseerd en productonafhankelijk gemaakt | detailbeschrijving |
| Realisatiestrategie | Van concrete component-/implementatiematrix naar werkpakketten, afhankelijkheden en landing in bestaande stelsels | detailbeschrijving |
| Open vraagstukken | Losse vragen en voorlopige ontwerpkeuzes vervangen door een gestructureerd besluitregister | detailbeschrijving |
Algemeen / opzet¶
- De rol van de PSA binnen de totale GBO-documentatie is expliciet gemaakt. Het Globaal Ontwerp is leidend voor oplossingsrichting, interactiepatronen en de functionele hoofdindeling; de PSA is leidend voor de normerende architectuureisen aan de verdere uitwerking.
- Een nieuwe paragraaf Documenthiërarchie beschrijft de verhouding tussen context, Globaal Ontwerp, PSA, Technisch Ontwerp, Technische Requirements en de semantische uitwerking.
-
De scope is aangescherpt. De PSA beschrijft vooral:
- normerende eisen aan de generieke functies;
- afspraken, standaarden en functionele voorzieningen voor de stelselfuncties;
- verantwoordelijkheden en beheerkeuzes;
- open juridische, organisatorische en technische besluiten.
-
Beschrijvingen die al in het Globaal Ontwerp staan worden zoveel mogelijk niet meer herhaald.
- De PSA schrijft explicieter geen producten, leveranciers of referentie-implementaties voor. Concrete technische componentontwerpen horen thuis in het Technisch Ontwerp en de Technische Requirements.
- De terminologie is gelijkgetrokken met het Globaal Ontwerp. Onder andere EUDI-Wallet, PubEAA-verstrekker, Authentic Source Interface (ASI), ASI-provider, Basisinrichting OOTS, OOTS-V, OOTS-adapter, bronontsluiting-API, dienstencatalogus, toestemmingsvoorziening, toestemmingsregister en GBO-vertaallaag worden nu consequent gebruikt.
- Specifieke implementaties, pilots en producten worden waar mogelijk niet meer als architectuurkeuze genoemd. Verwijzingen naar bijvoorbeeld specifieke policy-engines en referentie-implementaties zijn verwijderd of technologieneutraal gemaakt.
-
De hoofdstuknamen zijn aangepast om beter aan te sluiten op hun nieuwe functie:
- "Oplossingsrichting" → Vertrekpunt uit het globaal ontwerp;
- "Logische architectuur" → Generieke functies;
- "Open vragen en ontwerpkeuzes" → Open besluiten.
Vertrekpunt uit het globaal ontwerp¶
- De uitgebreide beschrijving van de voorgestelde oplossingsrichting is verwijderd. Hiervoor wordt voortaan verwezen naar hoofdstuk 2 van het Globaal Ontwerp.
- De eerdere technische beschrijving van FSC, GraphQL, PBAC, centrale voorzieningen en adapters is vervangen door een overzicht van de architectuurconsequenties van het Globaal Ontwerp.
- Een nieuwe tabel koppelt deze architectuurconsequenties expliciet aan de onderdelen van de PSA waarin zij normerend worden uitgewerkt.
-
De afbakening tussen Globaal Ontwerp en PSA is expliciet gemaakt:
- het Globaal Ontwerp bepaalt de gekozen oplossingsrichting en interactiepatronen;
- de PSA bepaalt principes, normerende eisen, afspraken, standaarden, verantwoordelijkheden en open architectuurbesluiten.
-
De passage over bestaande afsprakenstelsels is aangescherpt: GBO richt geen zelfstandig nieuw afsprakenstelsel in. Nieuwe afspraken, standaarden en voorzieningen moeten zoveel mogelijk landen in bestaande governance- en beheerstructuren.
- Voor tijdelijke programma- en pilotvoorzieningen zijn expliciete voorwaarden toegevoegd voor overgang naar productie, waaronder eigenaarschap, afsprakenbeheer, standaardbeheer, operationeel beheer, continuïteit, financiering en toezicht.
- Illustratieve toekomstige gegevensstromen en bijbehorende diagrammen zijn uit dit hoofdstuk verwijderd.
Architectuurprincipes¶
- De zestien architectuurprincipes P-01 t/m P-16 zijn behouden, maar de uitwerking is sterk vereenvoudigd.
- De oude indeling per juridisch of beleidskader met uitgebreide achtergrondteksten en afzonderlijke bronlijsten is vervangen door één overzichtelijke tabel.
-
Per principe wordt nu direct vastgelegd:
- het principe;
- de concrete consequentie voor GBO;
- het primaire wettelijke of architectuurkader.
-
De principes zijn daarmee meer normerend en minder beschrijvend geworden.
-
De formuleringen zijn aangescherpt op onder andere:
- controleerbare grondslag en doelbinding;
- selectieve gegevensuitvraag en dataminimalisatie;
- voorkomen van BSN-verwerking door onbevoegde afnemers;
- ondersteuning van EUDI-Wallet, verificatie en retrieval;
- toelating en trust anchors;
- hergebruik van gegevens bij de bron;
- product- en leveranciersonafhankelijkheid;
- ketenbrede herleidbaarheid;
- transparantie voor burgers;
- scheiding tussen generieke en domeinspecifieke verantwoordelijkheid.
-
Een nieuwe paragraaf Toepassing beschrijft hoe de principes worden gebruikt bij afspraken, standaarden, voorzieningen, aansluitvoorwaarden en architectuurbesluiten.
- Afwijkingen van principes moeten voortaan expliciet als architectuurbesluit worden vastgelegd.
Ontwerpprincipes¶
- De ontwerpprincipes D-01 t/m D-14 zijn behouden, maar de uitgebreide beschrijvingen, voorbeelden en productspecifieke uitwerkingen zijn vervangen door een compacte tabel met normerende toepassing voor GBO.
- Het onderscheid tussen principe, betekenis, GBO-toelichting en bronnen is teruggebracht tot de essentie.
- De principes leggen nu nadrukkelijker vast welke eisen gelden, zonder de technische implementatie voor te schrijven.
- "Gebruik landelijke GDI-bouwstenen" is verbreed naar hergebruik van generieke GDI-, FDS-, eIDAS- en OOTS-bouwstenen.
- Het principe rond API's is technologieneutraler gemaakt. GraphQL blijft de voorgestelde invulling voor selectieve bronontsluiting, maar alternatieven zijn toegestaan als zij aan dezelfde eisen voor selectie, beveiliging, autorisatie, schema's en audit voldoen.
- De eerdere uitgebreide vergelijking tussen REST en GraphQL is verwijderd.
-
Een nieuwe paragraaf Aanvullende eisen voor de bronontsluiting-API legt technologieonafhankelijke eisen vast voor onder meer:
- vooraf toegestane gegevensvragen;
- dataminimalisatie;
- autorisatie op gegevensniveau;
- versieerbare schema's;
- authenticatie en beveiliging;
- logging en foutafhandeling;
- ondersteuning van bronhouders via de GBO-vertaallaag.
Interactiepatronen¶
- De uitgebreide procesbeschrijvingen en sequencediagrammen voor de drie interactiepatronen zijn uit de PSA verwijderd en staan voortaan alleen in het Globaal Ontwerp.
-
De PSA bevat nu een compacte tabel voor:
- Patroon A — Burger gebruikt EUDI-Wallet;
- Patroon B — Grensoverschrijdend verzoek via OOTS;
- Patroon C — Gegevensverzoek private dienstverlener.
-
Per patroon worden de relevante stelselfuncties en de belangrijkste PSA-aandachtspunten benoemd.
- Voor EUDI-Wallet zijn de verantwoordelijkheden rond bronhouder, PubEAA-verstrekker, ASI-provider en QTSP explicieter gemaakt.
- Voor OOTS is duidelijker vastgelegd dat de GBO-oplossing aansluit op de Basisinrichting OOTS en OOTS-V, terwijl Europese transport- en procesfuncties buiten de generieke bronontsluiting blijven.
- Voor DvTP ligt meer nadruk op juridische grondslag, toestemming, pseudonimisering, toelating van private dienstverleners en registratie van diensten en toegestane gegevensvragen.
-
Een nieuwe paragraaf Gemeenschappelijke eisen legt eisen vast die voor alle interactiepatronen gelden, waaronder:
- geen patroon- of afnemerspecifiek bronkoppelvlak;
- uniforme toetsing van identiteit, grondslag, doel en gegevensvraag;
- hergebruik van dezelfde generieke autorisatieketen;
- expliciete protocol- en semantische transformaties;
- ketenbrede herleidbaarheid;
- patroonafhankelijke logica als configuratie, beleid of mapping in plaats van hardgecodeerde bronlogica.
Generieke functies¶
- Het hoofdstuk Logische architectuur is vervangen door Generieke functies.
- Het logische architectuurdiagram en de uitgebreide duplicatie van functionele beschrijvingen zijn verwijderd. Hiervoor wordt verwezen naar het Globaal Ontwerp.
- Voor alle acht generieke functies F1 t/m F8 zijn nu expliciete normerende eisen opgenomen.
- F1 — Identiteit & Vertrouwen is uitgebreid met duidelijk onderscheid tussen identiteit, rol, hoedanigheid, vertegenwoordiging en bevoegdheid. Ook identity matching en pseudonimisering zijn scherper afgebakend.
- F2 — Toegang & Interactie concentreert zich op eisen aan burgerinteractie, toestemming, actuele controle en toegang van organisaties.
- F3 — Gegevensvoorziening legt één herbruikbare bronontsluiting, selectieve bevraging, externe adapters en de optionele GBO-vertaallaag vast.
- F4 — Semantiek & Eenheid van Taal legt meer nadruk op beheerde begrippen, modellen, schema's, mappings en versiebeheer.
- F5 — Gegevenskwaliteit & Validatie bevat eisen aan kwaliteit, herkomst, validatie en terugmelding van fouten; voor OOTS is terugmelding expliciet uitgezonderd.
- F6 — Grondslag & Beleid is technologieneutraal gemaakt: beleid moet machineleesbaar, testbaar en versieerbaar zijn, maar is niet meer gekoppeld aan één policy-engine of taal.
- F7 — Orkestratie & Integratie stelt nu expliciet dat voor de huidige interactiepatronen geen afzonderlijke centrale procesorkestratie nodig is. De nadruk ligt op adapters, mappings, foutafhandeling en afzonderlijke bronverzoeken.
- F8 — Beheer & Continuïteit is uitgebreid met expliciete eisen rond eigenaarschap, beheer, serviceniveaus, continuïteit, SPOF's, monitoring, versiebeheer en overdracht van tijdelijke projectvoorzieningen.
- Een nieuwe tabel legt de relatie tussen F1 t/m F8 en S01 t/m S11 expliciet vast.
Stelselfuncties¶
Het hoofdstuk met stelselfuncties is inhoudelijk en structureel sterk herwerkt.
-
Alle stelselfuncties S01 t/m S11 hebben nu een uniforme opbouw:
- doel;
- normerende eisen;
- afspraken en standaarden;
- functionele voorzieningen;
- verantwoordelijkheden, waar relevant;
- open besluiten.
-
De oude nadruk op concrete producten, referentie-implementaties, "beschikbaar/nog te realiseren" en specifieke beheerproducten is teruggebracht.
- Een voorziening wordt expliciet als een functionele component beschreven; de PSA schrijft geen product of specifieke implementatie voor.
- Een nieuw totaaloverzicht koppelt iedere stelselfunctie aan de bijbehorende generieke functies.
Belangrijkste inhoudelijke wijzigingen per stelselfunctie:
-
S01 — Toestemmingsregistratie
- naamgeving aangescherpt;
- eisen aan toestemmingsrecords, actualiteit, intrekking en bewaartermijnen explicieter;
- centrale versus federatieve inrichting is een open besluit;
- PIP-profiel en governance expliciet benoemd.
-
S02 — Toestemmingsportaal
- nadruk op begrijpelijkheid, toegankelijkheid, vrijwilligheid en een gelijkwaardig alternatief;
- centrale voorziening is niet meer als vanzelfsprekende implementatie voorgeschreven;
- meerdere interoperabele portalen blijven mogelijk.
-
S03 — Burgeridentificatie & Pseudonimisering
- scherper onderscheid tussen identificatie, pseudonimisering en autorisatie;
- identity matching voor buitenlandse of walletidentiteiten explicieter uitgewerkt;
- concrete implementatiekeuzes vervangen door functionele eisen aan een erkende pseudonimiseringsvoorziening.
-
S04 — Organisatie-authenticatie & Vertrouwensstelsel
- uitgebreid met vertegenwoordiging en bevoegdheidsbewijzen;
- onderscheid tussen technische identiteit, juridische organisatie, rol en bevoegdheid expliciet gemaakt;
- toelating, schorsing, beëindiging en periodieke herbeoordeling toegevoegd.
-
S05 — Autorisatie
- productonafhankelijk geformuleerd;
- PEP/PDP of functioneel gelijkwaardige scheiding blijft de basis;
- autorisatie betrekt afnemer, dienst, doel, grondslag, gegevensscope en context;
- vertegenwoordiging en bevoegdheid worden onderdeel van de autorisatiecontext;
- centrale, decentrale en hybride PDP-inrichtingen blijven mogelijk.
-
S06 — Beleidsbeheer & -distributie
- directe afhankelijkheid van specifieke policy-engines en distributieproducten verwijderd;
- beleid moet machineleesbaar, versieerbaar, testbaar en productonafhankelijk zijn;
- governance voor schrijven, goedkeuren, publiceren, activeren en terugrollen van beleid is expliciet gemaakt.
-
S07 — Gegevensontsluiting
- Query Catalogus / Query Template Registry vervangen door dienstencatalogus;
- GraphQL is een voorgestelde invulling in plaats van een verplichte technologiekeuze;
- de GBO-vertaallaag is expliciet optioneel en vervangbaar;
- nieuwe diensten moeten primair via schema's, dienstregistratie en beleid kunnen worden toegevoegd.
-
S08 — OOTS-adapter
- duidelijker gekoppeld aan Basisinrichting OOTS en OOTS-V;
- Europese transport-, discovery- en procesfuncties worden bij de Basisinrichting OOTS belegd;
- GBO concentreert zich op bronontsluiting, autorisatie, logging en semantische mapping;
- de precieze grens tussen OOTS-V, adapter en mapping is als open besluit benoemd.
-
S09 — Logging, Audit & Traceerbaarheid
- nadruk verschoven van specifieke loggingproducten naar ketenbrede functionele eisen;
- decentrale logging en federatieve correlatie zijn het uitgangspunt;
- centrale aggregatie is alleen toegestaan als noodzaak en privacygrondslag zijn aangetoond;
- LDV en tracecontext worden als te profileren standaarden benoemd.
-
S10 — Semantiek & Gegevenscatalogus
- inhoudelijke verantwoordelijkheid explicieter bij bronhouders en domeinen gelegd;
- gemeenschappelijke kaders gelden voor begrippen, schema's, kwaliteit, mappings en versiebeheer;
- mappings naar OOTS-EDM en attestatieschema's worden expliciet beheerd;
- ook begrippen rond rol, vertegenwoordiging en bevoegdheid vallen waar nodig onder semantische governance;
- terugmelding van fouten of vermoedelijke onjuistheden is als afzonderlijk vraagstuk toegevoegd.
-
S11 — Attesteringsuitgifte
- rolverdeling tussen bronhouder, PubEAA-verstrekker, ASI-provider en QTSP aangescherpt;
- ASI omvat verify- en waar toegestaan retrievefuncties;
- centrale, decentrale en federatieve inrichtingsvarianten blijven expliciet mogelijk;
- verantwoordelijkheden voor signing, status, intrekking, attestatieschema's en rulebooks zijn uitgebreider beschreven.
-
De afsluitende gaptabel is vereenvoudigd. In plaats van vooral concrete producten en implementatiestatussen wordt nu per stelselfunctie onderscheid gemaakt tussen:
- juridische of bestuurlijke gaps;
- standaardisatie- of realisatiegaps.
Realisatiestrategie¶
- De realisatiestrategie is opnieuw opgebouwd rond het uitgangspunt dat GBO geen zelfstandig nieuw afsprakenstelsel of structurele GBO-beheerorganisatie vormt.
- Tijdelijke programmavoorzieningen en referentiecomponenten zijn toegestaan voor pilots, maar voor productie zijn expliciete eigenaarschap-, beheer-, continuïteits-, financierings- en exitafspraken vereist.
-
De realisatie is opnieuw ingedeeld in vier samenhangende werkpakketten:
- GBO-basis;
- EUDI-Wallet;
- OOTS;
- DvTP.
-
Per werkpakket worden nu de betrokken stelselfuncties, belangrijkste resultaten en afhankelijkheden benoemd.
- De oude gedetailleerde matrices met specifieke producten en referentie-implementaties zijn vervangen door functionele resultaten en te maken afspraken en standaarden.
- Voor GBO-basis ligt de nadruk op bronontsluiting, dienstencatalogus, autorisatie, policy-governance, logging en semantische kaders.
- Voor EUDI-Wallet worden meerdere uitgiftemodellen expliciet ondersteund: bronhouder-eigen PubEAA-uitgifte, gedeelde uitgifte en QEAA-uitgifte door QTSP's via een ASI-provider.
- Voor OOTS is de afbakening met de Basisinrichting OOTS explicieter gemaakt.
- Voor DvTP zijn de wettelijke randvoorwaarden, toezicht, pseudonimisering, toelating en toestemmingsvoorziening nadrukkelijker als afhankelijkheden opgenomen.
- Een nieuwe uitwerking van de impact op betrokken partijen beschrijft de gevolgen voor bronhouders, QTSP's, de Basisinrichting OOTS en private dienstverleners.
- Een nieuwe tabel Landing in bestaande stelsels en beheerorganisaties geeft per beheerobject de beoogde governance, beheer- of uitvoeringsrichting en het nog te nemen besluit.
-
Een expliciete fasering is toegevoegd:
- kaders vaststellen;
- profielen ontwerpen;
- beproeven;
- standaardiseren en beleggen;
- productierijp maken;
- overdragen en opschalen.
Open besluiten¶
- Het oude hoofdstuk Vraagstukken en ontwerpkeuzes, met losse inhoudelijke vragen en voorlopige ontwerpkeuzes, is vervangen door Open besluiten.
- De open vraagstukken zijn geconsolideerd in een gestructureerd besluitregister.
-
Ieder besluit heeft:
- een uniek ID;
- onderwerp;
- betrokken stelselfuncties;
- de te nemen beslissing;
- een voorkeursrichting vanuit de huidige PSA;
- de relevante beslissende of coördinerende partijen.
-
Het besluitregister bevat onder andere besluiten over:
- governance van GBO-afspraken;
- het API-profiel van de bronontsluiting;
- de dienstencatalogus;
- PDP-inrichting;
- policy-governance;
- toestemming bij DvTP;
- pseudonieme identiteit;
- identity matching;
- het vertrouwensstelsel voor private partijen;
- logging en burgerinzage;
- semantische governance;
- functiegrenzen rond OOTS;
- PubEAA-uitgifte;
- ASI-providers;
- start van attestatie-uitgifte;
- de GBO-vertaallaag;
- beheer van referentiecomponenten;
- terugmelden van fouten;
- vertegenwoordiging en bevoegdheidsbewijzen.
-
Voor besluitvorming is een vaste ADR-werkwijze (Architecture Decision Record) toegevoegd.
- Een besluit geldt pas als afgerond wanneer de uitkomst ook is verwerkt in de relevante PSA-paragraaf en, indien nodig, in het Globaal Ontwerp en de technische of semantische documentatie.